171 Letter

Letters zetten je als lezer aan het denken: je gaat aanvullen wat je ziet. Getallen doen dat ook, maar getallen maken dat denken wel gerichter dan letters. Als je bijvoorbeeld leest:

7 + 7 =

zul je al denkend waarschijnlijk aanvullen: 14.

Maar als je leest:

iets + iets =

dan kan je denken alle kanten opgaan.  Van ‘niets’ – want wat is nou iets + iets?. Tot ‘heel veel’, tot ‘iets meer’, en zo verder.

Dat ligt niet alleen aan de letters die het woord ‘iets’ vormen, hoewel ‘iets’ natuurlijk wel een vaag woord is. Maar als je minder vage woorden leest:

koeien + koeien =

kunnen je gedachten nog alle kanten opgaan. Van ‘veel mest’ tot ‘hard geloei’, en zo verder.

Deze oefening gaat over het schrijven van letters als manier om de gedachten van je lezer iets gerichter te sturen dan letters normaal gesproken doen. Wat nu als je hoe een letter eruit ziet een beetje aanpast, zodat de letter een verhaal vertelt?

  • Bedenk met welke letter jij iets wilt gaan doen – omdat je die letter een mooie vorm vindt hebben, of een ingewikkelde, of juist een hele simpele, of om een andere reden.
  • Schrijf in een paar woorden op wat je wilt dat je lezers gaan denken als zij je letter zien. Welke gedachten en beelden moet jouw letter bij ze oproepen?
  • Probeer maar vast wat uit: hoe zou je de lezer die kant op kunnen sturen door hoe jouw letter eruit ziet?
  • Mocht je dat lastig vinden, kun je hier wat voorbeelden vinden van letters die iets verbeelden.

Door een letter een bepaald uiterlijk te geven, kun je gedachten van je lezer sturen. Je letter komt er anders uit te zien dan normaal, en je lezers krijgen daardoor beelden in hun hoofd. Een ‘S’ die eruit als een Slang, of een ‘D’ die eruitziet als een Duivel, of een ‘M’ die eruitziet als het beklimmen van de berg Mount Everest.

Bedenken hoe je letter er nét even anders uit kan zien, en de lezer daardoor op het spoor van je verhaal zetten, vraagt dat je even vergeet hoe je letters normaal schrijft. Je moet variëren op wat je normaal doet. Als kinderen leren schrijven, doen ze dat heel vaak uit zichzelf. Veel kinderen hebben dan een periode waarin ze, vaak zonder dat ze dat zelf merken, in spiegelschrift schrijven.

Dan ziet een s er bijvoorbeeld zo uit:

Die fase gaat meestal vanzelf weer voorbij, en heeft te maken met hoe kinderen leren lezen. Als ze Nederlandstalige teksten leren lezen, en dat doen ze meestal in dezelfde periode dat ze leren schrijven, leert je hoofd van rechts naar links te lezen. Van links naar rechts is ook de schrijfrichting van de letters. Maar in spiegelschrift draait zo’n kind dan de schrijfrichting om. Alsof je van links naar rechts leest.

Volwassenen leren dat af, maar die zoeken soms wel heel bewust naar variatie in letters. Bijvoorbeeld iemand die aan tattoo-art doet, of aan graffiti, of aan dichtkunst.

  • Kijk eens rond in jouw omgeving om inspiratie op te doen. Graffiti, tatoeages, wat zie je allemaal aan variatie?
  • Misschien ook wel dichter bij huis: een ander alfabet dan wat we voor het Nederlands gebruiken kan ook heel veel inspiratie bieden
  • En als je nog wat verder wilt denken: de vormgever Ben Joosten maakte een beeld met behulp van letters, zie je hoe dit in elkaar zit?
  • Wat vroeger ook veel gebeurde, was rond de letter iets afbeelden. De ‘O’ zag er dan bij de graveur Holbein zo uit, kinderen die elkaar met stokken slaan (en is dit dan dus de ‘O’ van ‘Oorlog’?:
  • Kijk nog eens naar de letter die je in de eerste stap al bedacht. Kun je iets met de voorbeelden die ter inspiratie bekeek? Je kunt twee kanten op denken:
    • Is je letter nog meer verbeeldend te maken? Is er van de letter een beeld te maken dat het verhaal dat je wilt vertellen beter laat zien aan de lezer?
    • Is je verhaal nog te verbeteren, waardoor de letter nog beter past bij wat je wilt vertellen? En kom je door een beter verteld verhaal misschien wel op een ander beeld waarmee je de letter een nieuwe vorm kunt geven?
Zoek een nieuwe oefening
Neem contact met ons op