Betekenissen verfijnen

143

Reconstrueren

Vaardigheid: taalvermogen

In deze oefening train je je geheugen, want dat is een belangrijk hulpmiddel voor elke schrijver.

Maak de oefening
141

De regels van het taalspel

Vaardigheid: taalvermogen

In deze oefening beschrijf je spreektaal van mensen om te zien of sprekende mensen zich wel aan taalregels houden, en schrijf je de taal op die jij zelf bedacht hebt om een beetje te spelen met taalregels.

Maak de oefening
139

Synoniemen

Vaardigheid: taalvermogen

In deze oefening leer je woorden te zoeken en te gebruiken die in betekenis (bijna) gelijk zijn aan de woorden die al kent. Altijd fijn, om als schrijver nét een beetje verschil te kunnen maken.

Maak de oefening
132

Werkwoorden kiezen

Vaardigheid: taalvermogen

In deze oefening leer je te kiezen tussen de werkwoorden ‘zijn’ en ‘hebben’. Twee heel verschillende werkwoorden die bijna hetzelfde kunnen betekenen als je iets over jezelf wilt vertellen. Hoe werkt dat voor jou?

Maak de oefening
129

Schrijven over denken

Vaardigheid: taalvermogen

In deze oefening schrijf je alles op wat in je hoofd zit, om te zien of er in dat hoofd – hoe druk het er ook mag zijn – toch ook lege plekken zijn te vinden.

Maak de oefening
128

Woordenwolk

Vaardigheid: taalvermogen

In deze oefening leer je een woordwolk te maken die de wirwar in je hoofd goed weergeeft.

Maak de oefening
126

Glimlachen leren lezen

Vaardigheid: taalvermogen

In deze oefening leer je woorden te vinden om de glimlach van mensen betekenis te geven om van die glimlachen een catalogus te maken.

Maak de oefening